Als een wereld zich schuldig voelt, dàn is er plaats om de vrijheid in dank te gedenken
Het Amsterdams 4 en 5 meicomité presenteert a.s. zondag om 15.00 uur in De Balie een onderzoek over de toekomst van 4 en 5 mei, waarin de vraag centraal staat: 'hoe gaan we in de toekomst onze doden herdenken'. Het Centraal Joods Overleg zal bij de presentatie van het onderzoek vertegenwoordigd zijn door haar voorzitter David Cohen Paraira. Vooruitlopend daarop legt het Centraal Joods Overleg de volgende verklaring af:
De invulling van 4 en 5 mei staat in de belangstelling. Het Centraal Joods Overleg, platform van Joodse organisaties in Nederland, stelt zich in die discussie ten doel dat de herinnering aan de Jodenvervolging in het centrum van de dodenherdenking geplaatst blijft en de zwarte bladzijde in de moderne geschiedenis van Nederland belicht te houden; het morele boek blijft geopend.
Dit blijkt eens te meer noodzakelijk wanneer een door het ministerie van Onderwijs uitgebrachte rapport getiteld Agressie en geweld in het onderwijs (Research voor beleid, Leiden, 18 mei 2004), bevestigt dat de ontkenning of bagatellisering van de Holocaust een wezenlijk onderdeel uitmaakt binnen de hedendaagse middelbare school-cultuur. Bijna de helft van de bevraagde docenten in het middelbaar onderwijs ervaart een of meerdere keren per maand grievende opmerkingen over joden danwel een bagatelliserende opmerking over Holocaust.
Wat de viering van 5 mei betreft, neemt het Centraal Joods Overleg de woorden van wijlen Barend Drukarch, eerst verzetsman, later rabbijn te Amsterdam tot leidraad: "Als een wereld zich schuldig voelt, dàn is er plaats om de vrijheid in dank te gedenken." In de viering van Bevrijdingsdag dient een duidelijke band te blijven met de beëindiging van onderdrukking tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De betekenis van het herdenking is groot en dat geldt evenzeer voor de te trekken lessen. Nooit meer mag gebeuren wat zich heeft afgespeeeld ten aanzien van een gehele bevolkingsgroep in 1940-1945. Waar Joden aan de hand van Duitse maatregelen werden gesegregeerd, gediscrimineerd en onderdrukt, om uiteindelijk systematisch en op men zou bijna zeggen industriële wijze te worden vernietigd. Omwille van één overweging: hun ‘zijn’.
De opvatting van het Centraal Joods Overleg over het herdenken is in lijn met de woorden van de Amsterdamse burgemeester Cohen die het profiiel van 4 mei als volgt neerzet: "Op 4 mei herdenken wij in Amsterdam, de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Wij herdenken degenen die hun leven gaven voor onze vrijheid. Die omkwamen in strijd, bij verzet, door vervolging of uitputting. Door oorlogsgeweld of dwangarbeid."
