Uitnodiging Jom Hasjoa-herdenking

In 1962, toen de tot monument verbouwde resten van de voormalige Hollandsche Schouwburg op 4 mei voor het eerst in gebruik werd genomen als Monument voor de Nationale Dodenherdenking en de toenmalig burgemeester van Amsterdam, Mr. G. van Hall, de herinneringsvlam ontstak, vonden vele Joden in Nederland deze plek nog te beladen om samen te komen en te herdenken. Nadat Jacques Presser in 1965 koos om juist hier zijn boek “Ondergang” te presenteren, namen Joodse jeugdorganisaties het initiatief  de jaarlijkse Joodse herdenking van de Jodenvervolging, de Sjoa, de Jom Hasjoa-herdenking, die al sinds 1946 elders werden georganiseerd, nu wel te organiseren in de Hollandsche Schouwburg. Joodse jeugdorganisaties spelen nog steeds een belangrijke rol in de ceremonie. Tijdens de plechtige bijeenkomst waarvan de Hebreeuwse datum samenvalt met de opstand in het getto van Warschau, worden wereldwijd de joodse slachtoffers van de nazi – terreur herdacht.

In 2017, op maandagavond 24 april 2017 / 27 Nissan 5777 om 19.00 uur precies, wordt op de binnenplaats van de Hollandsche Schouwburg, Plantage Middenlaan 24 te Amsterdam (1018 DE) de Jom Hasjoa herdenking georganiseerd voor de gehele joodse gemeenschap in Nederland, in al haar diversiteit.

Graag nodigen wij u uit hierbij aanwezig te zijn. Wij stellen het buitengewoon op prijs indien u persoonlijk getuige zou willen zijn van dit voor ons allen zo bijzondere moment. Wij hopen daarom zeer op uw aanwezigheid bij de Jom Hasjoa herdenking in 2017.

 

Brief aan burgemeester Aboutaleb na aanleiding van “Hamasconferentie’

Aan Burgemeester Ir. A. Aboutaleb

Voorzitter van het College van B&W te Rotterdam

Rotterdam, 31 januari 2017.

 

Geachte Burgemeester,

Donderdag aanstaande zal in de Gemeenteraad een debat plaatsvinden over de “Palestinian in Europe Conference” die in onze Doelen op 15 april 2017 zal worden gehouden.

Ondergetekende maakt zich mede namens lokale en nationale joodse kerkgenootschappen ernstig zorgen over toenemend antisemitisme in ons land en dus ook in Rotterdam. Blanke autochtone Nederlanders laten zich steeds meer openlijk antisemitisch uit. Onlangs vernam ik onder meer uit de eerste hand dat een joodse docent bij een Rotterdamse onderwijs-instelling ernstig wordt gediscrimineerd door witte Nederlandse collega’s en dat deze persoon dit niet aanhangig durft te maken uit angst voor ontslag. De indruk is ontstaan dat het uiten van openlijke haat naar Moslims een vrijbrief is om zich ook antisemitisch te uiten. Antisemitisme, zo weet men, is niet weggeweest maar openlijk bedrijven hiervan is een opkomend fenomeen. Zowel moslimhaat als jodenhaat bedreigen onze maatschappij.

Reactie op antisemitisme tijdens de Apeldoornse Vredesweek

Het CJO heeft kennis genomen van de antisemitische uitingen tijdens de vredesweek in Apeldoorn, die op poten is gezet door organisaties die gelieerd zijn aan de Protestantse Kerk Nederland (PKN) .

Allereerst zijn wij van mening dat de vermeende uitlatingen waarin a) gesteld wordt dat Israël een racistische staat is b)  het bestaansrecht van Israël (als Joodse staat) ontkend wordt en c) Palestijnse jihadisten vergeleken  worden   met verzetsstrijders tijdens de Tweede Wereldoorlog zonder meer antisemitisch zijn.  Als leidraad hiervoor hanteren wij de werkdefinitie van de Europese Unie. Deze definitie,  die door 31 landen onderschreven wordt, stelt glashelder dat er (onder andere) sprake is van antisemitisme als er paralellen worden getrokken tussen de hedendaagse Israëlische politiek en die van de nazi’s of als het recht op zelfbeschikking van het Joodse volk ontkend wordt, bijvoorbeeld door te stellen dat de staat Israël op racisme is gebaseerd.

De woorden van Eddy Anneveldt  richting de heer Fürstenberg dat door hem zijn beeld van Joden er niet bepaald beter op geworden is, raken de kern van generalisatie en daarmee discriminatie en antisemitisme.  Dat het gehele Joodse volk verantwoordelijk gehouden wordt voor de uitlatingen van één Jood is net zo onzinnig als dat de woorden van Anneveldt aanleiding  zouden zijn voor Joden om hun beeld van alle niet-Joden bij te stellen.

Omdat dit niet de eerste keer is dat organisaties die onderdeel van het PKN uitmaken negatief in het nieuws komen vanwege dergelijke standpunten, zal het CJO over deze kwestie in overleg gaan met de PKN.

 

Update: naar aanleiding van het gesprek tussen de organisatie van de Apeldoornse Vredesweek en de heer Fürstenberg is men met de volgende verklaring gekomen:

In Apeldoorn is de afgelopen maanden een conflict ontstaan tussen enerzijds vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap en anderzijds organisatoren van de Vredesweek. Aanleiding zijn uitspraken die tijdens de Vredesweek in september 2016 zijn gedaan tijdens een lezing in de Lutherse kerk. Ondergetekenden zijn daarop met elkaar in gesprek gegaan om na te gaan of herstel van de relatie mogelijk is.

Uitspraken van de omstreden lezing door de heer Kees Blok over Israël en Palestina zijn besproken. Ondergetekenden zijn het met elkaar eens dat de volgende uitspraken zijn gedaan door de heer Blok:

  • Gebruik van de term ‘Joods ras’
  • De suggestie dat als er meer was gesproken met Himmler in de Tweede Wereldoorlog de Shoah (vernietiging van de Joden) minder erg had uitgepakt
  • De Palestijnse jihadisten zijn te vergelijken met de geuzen en onze verzetsstrijders in WOII

Volgens de definitie van antisemitisme die het Europees Parlement (http://www.antisem.eu/projects/eumc-working-definition-of-antisemitism/) hanteert, zijn dit antisemitische uitlatingen, en vallen ze niet onder legitieme kritiek op de staat Israël. Ondergetekenden nemen daarom met kracht afstand van deze antisemitische uitlatingen.

De organisatoren van de Vredesweek hechten eraan te onderstrepen dat zij niet verantwoordelijk zijn voor de invulling van de diverse thema-avonden tijdens de Vredesweek, maar betreuren wel dat de heer Fürstenberg hieraan is blootgesteld terwijl hij vooraf voor deze spreker heeft gewaarschuwd. Tijdens de lezing is er niet ingegrepen door de daarbij aanwezige organisatoren van de Vredesweek. Er is daarom afgesproken dat in de toekomst zorgvuldig wordt gekeken naar samenkomsten (gastsprekers, format, gespreksleiders, etc.) in de Vredesweek, zodat een herhaling van het bovenstaande niet meer voorkomt. Bovendien wil de organisatie van de Vredesweek volop aandacht geven aan antisemitisme de komende tijd.

De heer Anneveldt, voorzitter van de Kerngroep Vredesweek, erkent dat hij in het heetst van de strijd een generaliserende uitspraak over zijn beeld van Joden heeft gedaan, en neemt dit terug. Tevens voelt hij zich als voorzitter van de Vredesweek extra verantwoordelijk om een dergelijke lezing in de toekomst te voorkomen. De heer Fürstenberg heeft aangegeven dat hiermee de kous af is, dat hij de heer Anneveldt niet antisemitisch vindt, en dat hij uitziet naar een vruchtbare samenwerking in de (nabije) toekomst.

Eddy Anneveldt, voorzitter Kerngroep Vredesweek Apeldoorn

Erwin van der Bij, lid Kerngroep Vredesweek Apeldoorn

Tom Fürstenberg, voorzitter Stichting Joods Apeldoorn

 

Overleg met de Rooms Katholieke Kerk

Amsterdam – 7 april 2016 –Vertegenwoordigers van het Centraal Joods Overleg (CJO) en van de Nederlandse Bisschoppenconferentie (BK) troffen elkaar in het Joods Cultureel Centrum te Amsterdam. Sinds 2008 is het de derde keer dat een dergelijke ontmoeting plaatsvindt.

 

Tijdens het gesprek zetten de voorzitter van het CJO en de rabbijnen Evers (NIK) en Ten Brink (Verbond/LJG)  de huidige stand van zaken rond de discussie over sjechieta (ritueel slachten) en brit mila (jongensbesnijdenis) uiteen. Daarna werd stilgestaan bij twee recente documenten over de relatie jodendom-christendom. Definitief 10-04-2016 Bericht RKK CJO ontmoeting 6 april 2016 versie1

Reactie CJO op de antisemitische spreekkoren bij FC Utrecht

Het Centraal Joods Overleg (CJO) heeft met  weerzin kennis genomen van de antisemitische uitingen door een deel van de (vermeende) supporters van FC Utrecht.

In een tijd waarin de campagne ‘Voetbal is van iedereen, zet een streep door discriminatie’ gelanceerd werd, het aantal antisemitische incidenten in Nederland toeneemt en antisemitische spreekkoren uitwaaieren naar andere segmenten van de samenleving, betreuren wij dat de scheidsrechter niet adequaat heeft ingegrepen. Niettemin hebben wij er vertrouwen in dat de KNVB en de openbare aanklager zowel nu als in de toekomst er alles aan doen om hun vorig jaar aangekondigde beleid van snel en kordaat optreden bij discriminerende spreekkoren gevolg te geven.

Het CJO waardeert de wijze waarop de clubleiding van FC Utrecht afstand heeft genomen van deze uitingen maar is verbaasd over de verontwaardigde reactie van de supporters van FC Utrecht.  In plaats van de spreekkoren te veroordelen en excuses aan te bieden, wordt naar anderen gewezen. Net zomin als een inbreker zich ter  verdediging kan beroepen op andere niet bestrafte inbraken, ontslaan kwetsende spreekkoren door andere supporters de fans van FC Utrecht niet van de eigen verantwoordelijkheid. Zeker gezien de geschiedenis met antisemitische incidenten had het de supporters gesierd als ze de hand in eigen boezem hadden gestoken.

Het CJO is dan ook verbaasd  over de wijze waarop de NOS afstand heeft genomen van haar berichtgeving. De genoemde context van Ajacieden die zich als Joods profileren mag nooit als vrijbrief gezien worden om je antisemitisch te uiten. Wat ons betreft is er dan ook slechts sprake van selectieve verontwaardiging bij de wijze waarop een deel van de supporters slechts naar anderen wijzen.

Het CJO zal zich blijven inzetten om een einde te maken aan antisemitische, discriminerende en andere ongewenste uitingen tijdens voetbalwedstrijden.

gesprek CJO met Ali B naar aanleiding van lied “Dat is Money”

bron: alib.nl

bron: alib.nl

Ron van der Wieken, voorzitter van het CJO heeft namens het CJO  contact gezocht met Ali B naar aanleiding van het nummer “Dat is money” met hierin de tekst: ”Maar ik ben op me money als een jew, Dus ik deporteer ze even naar wat ballers uit de hood”. Ron van der Wieken heeft aangegeven dat deze tekst berust op een eeuwenoud vooroordeel dat Joden heel veel kwaad heeft gedaan en nog steeds doet.

Ali B. geeft in zijn reactie aan dit alles geenszins zijn bedoeling was geweest. Het was niet zijn intentie om Joden te beledigen. Hij bedoelde zijn gewraakte opmerking veeleer als een compliment: “joden zijn slim en ik geef nu als moslim aan dat ik die Joodse eigenschap ook heb”. Ron van der Wieken gaf aan dat een dergelijk “compliment” gemakkelijk verkeerd begrepen kan worden en –ook als het door Ali niet zo bedoeld is- open staat voor misbruik.

Ali B. toonde begrip voor het standpunt van het CJO. Het speet hem zeer dat een dergelijk misverstand in het leven is geroepen en hij gaf nogmaals aan dat hij in het geheel  geen anti-joodse gevoelens koestert. Hij had uit de kringen van zijn fans ook geen antisemitische reacties gehad. Daarbij geeft hij ook aan dat hij sterk voorstander is van toenadering tussen Moslims en Joden.

Het gesprek verliep in een rustige en respectvolle sfeer.

Ron van der Wieken geeft als zijn mening dat er hier geen sprake is van antisemitisme en dat verwijten in die zin dan ook niet op hun plaats zijn. Wel heeft Ali B. door gebrek aan kennis van de geschiedenis op een heel verkeerde en zelfs wat bizarre wijze gebruik gemaakt van een buitengewoon hardnekkig vooroordeel ten opzichte van Joden (een vooroordeel dat op zich zelf niet antisemitisch is maar daar wel een bouwsteen van kan zijn). Ali B. heeft zijn spijt daarover betuigd.

Het incident toont nog eens aan hoe noodzakelijk zeer goed onderwijs op het gebied van antisemitisme en discriminatie is.

Het CJO wijst de onbenullige en ordinaire reactie van Federatie Joods Nederland ten enenmale af. Waar bij het CJO de voornaamste Joodse kerkgenootschappen en organisaties  aangesloten zijn, en het daarmee als centraal aanspreekpunt voor media en politiek geldt, is dit  voor FJN geenszins het geval. Uitlatingen namens het FJN moeten dan ook op geen enkele wijze beschouwd worden als afspiegeling van de mening van Joods Nederland noch moet FJN op welke wijze dan ook bezien worden als spreekbuis voor Joods Nederland.

Het incident is wat betreft het CJO gesloten.

CIDI en CJO zetten met de KNVB “een streep door discriminatie”

CJO en CIDI bij KNVB aftrap streep door discriminatie

Op woensdag 14 december vond in de Kuip in Rotterdam de aftrap van de campagne ‘Voetbal is van iedereen, zet een streep door discriminatie’ plaats.

Een initiatief van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de KNVB waar ook het CIDI en het CJO nauw bij betrokken waren. Bij deze aftrap waren onder andere Van Praag, Seedorf en staatsecretaris van Rijn aanwezig.

De boodschap is niet zozeer bedoeld om degene aan te spreken die discrimineren, maar verenigt juist de 99% normale voetballiefhebbers die het ook zat zijn geassocieerd te worden met kwetsende en discriminerende uitingen in het voetbal. Door een koppeling te maken tussen de campagne van de rijksoverheid en de verbindende kracht van voetbal versterken we de eensgezindheid in het voetbal.

Als u ook ‘een streep door discriminatie’ wilt zetten kunt u op www.knvb.nl/discriminatie een petitie tekenen waarmee u aangeeft dat iedereen, ongeacht huidskleur, religie of seksuele voorkeur, zich welkom moet voelen in het voetbal.

Toespraak Gideon van Bergen op de Kristallnachtherdenking 2016

IMG_0076.03

Geachte aanwezigen,

 

Vanavond zijn wij allen bijeengekomen om de Kristallnacht te herdenken. De Kristallnacht was de eerste grote pogrom van de 20e eeuw in West-Europa, waarbij eens te meer duidelijk werd dat er ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, het joodse volk en de joden werden veracht.

Bij velen van ons zal de Kristallnacht, net als andere herinneringen aan de Holocaust,  gevoelens van droefheid oproepen. Maar naast deze gevoelens en de verschrikkingen die plaats hebben gevonden, vind ik het nog altijd moeilijk te beseffen dat er zo een grote mate van gevoelens van minachting  jegens een bepaalde groep mensen was. En dat daar bovendien naar gehandeld werd. Het zien van bepaalde groepen mensen als minder dan jezelf, of, als minder dan de groep waar je zelf bij hoort is een idee wat ik maar moeilijk kan bevatten.

Mijn kijk op de wereld en veel van mijn idealen heb ik meegekregen als een van de vele kinderen die meeging met Haboniem-Dror beHolland. Deze seculier joodse socialistisch-zionistische jeugdbeweging heeft als een van haar idealen Sjivjon Erech Ha’Adam. Wat vrij vertaald; De intrinsieke waarde van de mens of de gelijkwaardigheid van de mens betekent.

In lijn met dit ideaal geloof ik dan ook, dat ieder mens, ongeacht geslacht, afkomst of religie een intrinsieke waarde heeft. Ieder mens heeft het recht om te leven en het recht op zelfontplooiing. Daarbij geloof ik dat ieder mens het vermogen heeft om iets toe te voegen of te veranderen aan zijn of haar omgeving.

Helaas moet ik constateren dat er vandaag de dag een steeds groter wordende kloof bestaat binnen de Nederlandse maatschappij. Dit gat tussen verschillende delen van onze samenleving heeft zich al meerdere keren geuit. Zo zijn er in het afgelopen jaar varkenskoppen neergelegd bij een Asielzoekerscentrum in Enschede. Zijn er hakenkruizen in een lift in een bejaardenhuis in Amstelveen getekend, en zien we steeds meer gevallen van ethnisch profileren de kop op steken.

Ik geloof dat wij samen hier wat tegen moet doen. Ik spreek hier als joodse jongere uit Nederland en ik geloof dat wij, met z’n allen, ongeacht geloof of afkomst, het vermogen hebben om de kloof te dichten. Wij hebben de sleutel tot een betere wereld, en ik geloof dat als wij, met elkaar actief bezig gaan met het veranderen van de wereld om ons heen, dit ons kan lukken.

Wellicht vraagt u zich nu af, hoe? Als voorzitter van Haboniem-Dror geloof ik heilig dat onderwijs de sleutel is tot een betere wereld. En met onderwijs bedoel ik veel meer dan loutere informatieoverdracht. Het verbeteren van onze omgeving kan alleen als iedereen niet alleen informatie tot zich neemt, maar dat deze informatie ook nog juist en relevant is. Verder moeten wij onszelf kritisch leren denken, elkaar ontmoeten op een open en vreedzame wijze en bovenal onze stem laten horen. Alleen als wij, zoals ik hier vandaag, een oproep doen tot een betere wereld zullen we er ook uiteindelijk kunnen komen.

De weg lijkt misschien lang, en dat zal het ook zijn. Maar als iedereen zijn eigen kleine steentje bijdraagt zullen we er komen. Verandering begint bij onszelf, en verandering begint in het klein. Mijn grootste angst is als mijn woorden louter woorden blijven, en die niet zouden resoneren en over zouden gaan tot daden. Ik kan mezelf iedere dag in de spiegel aankijken, wetende dat ik mijn steentje bijdraag, op weg naar een betere wereld.

Wij kunnen met elkaar een wereld, een maatschappij en een omgeving creeren waarin haat geen rol meer speelt. Een wereld waarbij we dichter tot elkaar komen, een wereld waarin eenheid, liefde en hoop de boventoon zullen voeren. Dat is een wereld waarvoor ik mij iedere dag inzet, en ik hoop, velen met mij. Die wereld lijkt nu misschien ver weg, maar ik hoop, dat de jongerenspreker van volgend jaar kan constateren dat wij met elkaar de goeie weg in zijn geslagen. Een weg richting een wereld vol met affectie, toewijding en begrip.