CJO spreekt zijn diepe medeleven uit met slachtoffers en nabestaanden aanslagen Parijs

Het Centraal Joods Overleg, de vertegenwoordiger van georganiseerd Joods Nederland, spreekt zijn diepe medeleven uit met de slachtoffers van de moorden in Parijs afgelopen vrijdagavond 13 november en met hun nabestaanden. Tegelijkertijd wil het CJO uitdrukking geven aan zijn solidariteit met het Franse volk en de Franse staat.

 De enige manier waarop de mensheid zich werkelijk kan verdedigen tegen de wrede terreur op basis van extremistische religieuze en politieke overtuigingen is door een onverbrekelijke band tussen alle mensen van goede wil, ongeacht hun levensovertuiging en hun nationaliteit. Alleen de wil om werkelijk mens te zijn en onder alle omstandigheden het leven te respecteren kan de basis vormen van deze coalitie der goedwillenden.

De aanhoudende onmenselijke wreedheden van de terroristen op vele plaatsen in de wereld  laten ons geen keus: Wij móeten de terreur bestrijden met alle middelen die ons ten dienste staan. En dat kunnen we alleen door standvastig en solidair te zijn met elkaar.

 

 

Kristallnachtherdenking 2015

Op maandag 9 november 2015 is de Kristallnachtherdenking herdacht in de Portugese Synagoge aan het Mr. Visserplein te Amsterdam. Er waren ruim 500 aanwezigen.  Aansluitend was er een kranslegging op de binnenplaats van de Hollandsche Schouwburg. De toespraken die burgemeester Ahmed Aboutaleb en Ron van der Wieken hielden treft u hieronder aan.

Toespraak gehouden door Ron van der Wieken, voorzitter Centraal Joods Overleg

Dames en heren, hartelijk welkom op deze herdenking van de Kristall Nacht die vandaag op de kop af 77 jaar geleden plaats vond. 9 nov 1938 is een baken in de tijd; Terwijl in de jaren daarvóór de discriminatie van Joden in het Derde Rijk steeds heviger werd blééf de hele wereld weg kijken. Op zijn best gegeneerd, op zijn slechtst ongeïnteresseerd. Na de pogroms van 9 nov 1938 was dat niet langer mogelijk. Het indringende scherfgerinkel van de kapotgeslagen ramen van Joodse huizen was tegelijk de alarmschel van de ineenstortende Europese beschaving. Dát drong eindelijk door in de oren van de wereld. Er móesten maatregelen genomen worden. Daadkrachtige maatregelen.

En dat gebeurde, en wel op de meest cynische wijze denkbaar: Nederland sloot enkele weken later zijn grenzen voor Joodse vluchtelingen uit Duitsland, de VS deden de facto hetzelfde en Groot Brittannië, nota bene het land van de Balfour declaratie, liet zijn oren hangen naar de grootmufti van Jeruzalem Haj Amin al Husseini en sloot de grenzen van zijn mandaatgebied Palestina hermetisch af voor joden. Honderdduizenden levens, zo niet miljoenen, waren te redden geweest;   talloze familieleden van de joden die hier vanavond aanwezig zijn hadden hun levens nog voluit kunnen leven als de machthebbers van de wereld van toen niet op het moment van onze grootste nood hun grenzen voor ons hadden gesloten. Cynisch, zonder mededogen, zonder erbarmen.

Wij joden weten wat het is om vluchteling te zijn. De Tora roept op om ons steeds weer te herinneren hoe het was om vervolgd te worden in onze tijd van slavernij in Egypte. Zodat wij ons met empathie kunnen inleven in het lot van de vervolgde medemens. Alleen al op grond daarvan moeten wij joden ons volop inzetten als het gaat om de huidige stroom van vluchtelingen.

9 nov 1938 is een baken in de tijd. Vanaf dat moment waren voor iedereen die wilde zien de grove contouren zichtbaar van de ramp die zich ging voltrekken. De catastrofe, uítgevoerd door Nazi-Duitsland, maar met impliciete en soms expliciete hulp van vele andere landen.

Maar 9 november 1938 is niet het begin van de Jodenhaat.

De haat tegen de joden begon niet in 1938. En eindigde niet in 1945. Die oorlog is veel ouder en gaat nog steeds door, tot op de dag van vandaag.

20 eeuwen van niet-aflatende demonisering hebben hier in het westen hun uitwerking niet gemist. Die langdurigste en intensiefste vorm van hersenspoeling die de wereldgeschiedenis ooit heeft gekend maakte het vooroordeel tegen joden tot een bijna onuitwisbaar onderdeel van de westerse cultuur, een kern diep in de ziel van de westerse mens. Zelfs na een catastrofe van ongekende omvang, de Shoah, is dat vooroordeel niet verdwenen. Integendeel, Jodenhaat laait weer overal fel op, in de landen om ons heen en ook in Nederland.

Jodenhaat is als de mythologische draak met de vele koppen. Als één kop is afgeslagen komt daar een andere voor in de plaats. Door de eeuwen heen is de verschijningsvorm van Jodenhaat veranderd maar niet de essentie: Van de haat tegen het volk van de godsmoordenaars naar de haat tegen de duivelse krachten achter communisme én kapitalisme, de misdadige meesterbreinen die via media en banken streven naar de wereldheerschappij. En vandaar naar een inferieur ras dat vernietigd moest worden. En nu naar de plegers van genocide op de Palestijnen. De nieuwste  drakenkop is het antizionisme en anti-Israëlisme. Die haat tegen het bestaan van de staat Israël is identiek aan de eeuwenoude haat tegen joden.  

Gisteren was dat nog goed zichtbaar en hoorbaar, op een steenworp afstand van hier. Onder het smakeloze mom van een Kristall Nacht herdenking probeerden mensen geobsedeerd door hun negatieve gevoelens de bijl te leggen aan de wortels van wat als het er op aan komt het enige toevluchtsoord voor joden is.

Vélen in deze wereld streven naar de ondergang van de staat Israël. Als zij God verhoede hun zin zouden krijgen dan zijn wij vroeger of later weer terug in de wereld van 9 november 1938: Een vervolgd volk dat geen plaats heeft om naar uit te wijken. Dat mag nooit, nooit meer gebeuren. Wij zúllen géén wanhopig opgejaagd wild meer worden.

Het Joodse volk bevindt zich in onze tijd andermaal in benarde omstandigheden. Maar het is goed om te beseffen dat onze situatie geheel anders is dan 77 jaar geleden. Wij hebben een regering en lokale overheden die doordrongen zijn van de lessen van de geschiedenis en ook het joodse belang nauwlettend in het oog houden.

Op drie pilaren steunt onze redding en feitelijk die van de wereld: eerlijke informatie, evenwichtige educatie, en de onderlinge steun van alle mensen van goede wil. En er is een vierde factor speciaal voor joden: dat wij zo eensgezind als mogelijk op ons zelf moeten kunnen vertrouwen.

Moge God ons die kracht geven en moge God ons zegenen met vrede

Adon– oz laomo jiten, adon– jewarech et amo beshalom”

Toespraak gehouden door Ahmed Aboutaleb, burgemeester van Rotterdam

Afgelopen voorjaar was ik met Rotterdamse scholieren in kamp Westerbork. Kinderen uit groep 8 van basisschool De Vierambacht en havo-3 leerlingen van het Montessori Lyceum. Een aantal jaren geleden ben ik met dit speciale scholenproject begonnen, omdat ik het belangrijk vind dat de lessen van de Tweede Wereldoorlog worden doorgegeven. Veel jongeren hebben nauwelijks besef van deze zwarte bladzijde in de geschiedenis.

Op weg naar Westerbork denken de scholieren nog: “waarvoor moet ik meer dan twee uur in de bus zitten?” Maar de rondleiding, het verhaal en de foto’s maken altijd diepe indruk:
Het verhaal over een premature baby, die in Westerbork nog zo liefdevol behandeld werd. Eenmaal gezond en sterk, werd de baby zonder pardon met zijn ouders op de trein naar Auschwitz gezet, om te worden vermoord.

De foto van een trein die klaar stond om te vertrekken. Wagons vol mensen die hun noodlot tegemoet gingen. Een perron vol mensen die wanhopig “tot ziens” riepen, tegen beter weten in.

”Ik begrijp het, het gaat over de oorlog en onze stad”, zei een meisje tijdens het bezoek. Een andere scholiere zei: “ik wil voortaan met mensen praten over wat ze ècht voelen en denken. Je kunt in één klap weg zijn. Dat heb ik vandaag wel geleerd.”

Dames en heren, Het is waar: vergelijkingen met de Tweede Wereldoorlog gaan altijd mank. Alle spiegelingen met de huidige tijd doen afbreuk aan het onmetelijke leed dat toen geleden is. Toch was ik ontroerd door de reacties. Want eigenlijk zeiden ze drie dingen:

Dit bezoek heeft mijn ogen geopend. Ik herken mij in deze mensen die ik niet ken, en Ik begrijp dat wat er toen is gebeurd, ook iets betekent voor nu.

Daarom is het zo belangrijk dat wij de lessen van de Tweede Wereldoorlog blijven vertellen. Kennis leidt tot inzicht en inzicht leidt tot compassie. En compassie is een onmisbaar ingrediënt voor een vreedzame samenleving. Een samenleving waarin we oog hebben voor de noden van de ander, voor mensen die het minder hebben dan wij.

Omdat solidariteit van alle tijden is. Omdat solidariteit wederkerig is!

Deze herdenking van de Kristallnacht is een belangrijke les. Die nacht was er sprake van een explosie van Jodenhaat, een haat die al langer onderhuids woedde en stelselmatig gevoed werd door de machthebbers. Van de hoofdstad tot in het kleinste dorp werden Joodse medeburgers beschimpt, geslagen en opgepakt. Hun synagogen en bezittingen – winkels, boeken, huisraad – alles werd vernield.

Martin Gilbert schrijft in het voorwoord van zijn boek over dit keerpunt in de geschiedenis: “De Kristallnacht was het voorspel van de vernietiging van een heel volk en een indicatie van wat er gebeurt wanneer een maatschappij het slachtoffer wordt van haar lagere instincten.”

Wat zou de jongere generatie van deze nacht moeten leren? En misschien nog wel veel meer mensen? Want tot mijn grote verdriet constateer ik dat die zwarte bladzijde in onze geschiedenis vaak haastig, bijna achteloos worden omgeslagen. En soms helemaal niet meer gelezen wordt.

In de eerste plaats moeten we allemaal beseffen dat de Kristallnacht niet op zichzelf staat. Dat het vernederen, beschuldigen en vernielen al jaren eerder was begonnen. Duitsland had in de Eerste Wereldoorlog een nederlaag geleden en stond economisch aan de rand van de afgrond. Daar moest de Joodse bevolking voor boeten. Niet omdat zij geen goede medeburgers waren, integendeel: vele families woonden al generaties lang in Duitsland en behoorden tot de midden- en bovenklasse van de samenleving. Duizenden Duitse joden hadden meegevochten in de Eerste Wereldoorlog.

Zij moesten boeten omdat zij “anders” waren.
Een ander geloof hadden,
Een andere cultuur.
Zij waren een makkelijk doelwit.

De brandstichting, overvallen en geweldpleging werden lang afgedaan als incidenten. Veel mensen staken hun kop in het zand, in binnen- en buitenland. Maar alle incidenten leidden wel tot die ene, noodlottige nacht. Een keerpunt in de geschiedenis.

Schelden, beschuldigingen: het lijken slechts woorden. Maar ze maken meer kapot dan je denkt. Onwetendheid is een voedingsbodem van haat en racisme. En haat en racisme plaveien de weg naar geweld. Nog steeds.

Voor de machthebbers was de Kristallnacht het startmoment om hun uiteindelijke plan ten uitvoer te brengen: de totale vernietiging van het Joodse volk. Daar was het al die tijd om te doen geweest, maar het ultieme mandaat ontbrak nog: de openlijke steun van de bevolking. De indoctrinatie en propaganda hadden hun vruchten afgeworpen.

We moeten op onze hoede zijn voor politici en religieuze leiders die bevolkingsgroepen over één kam scheren. Leiders die oproepen tot haat en geweld. Zij gebruiken slechts gevoelens van frustratie en onvrede voor eigen gewin, om hun eigen machtspositie te verstevigen.

Wees ook op je hoede voor mensen die zulke leiders naar de mond praten, want zij zijn misschien nog gevaarlijker: zij zijn bang. Politiek is niet voor bange mensen. Politiek betekent: belangrijke beslissingen nemen voor de sámenleving, niet voor individuen.

Na de Kristallnacht volgde de Holocaust. En ook al besef ik hoe ongepast en pijnlijk die vergelijking kan zijn, in Westerbork heb ik de gruwelen van de Jodenvervolging vergeleken met de gruwelen van IS. Omdat er ook overeenkomsten zijn.

Ook IS voert een etnische zuivering uit, op christenen, sjiieten, alevieten, yezidi’s en gematigde moslims. Niet met een helse machinerie zoals in nazi-Duitsland, maar met een onwettig leger van hooguit 40.000 man. Achterlijke, onwetende soldaten, die een spoor van vernieling en menselijke misère achterlaten. De gevolgen zien we ook in ons land: duizenden vluchtelingen zoeken bij ons een veilig thuis.

De Holocaust is met niets te vergelijken. Maar ik heb die scholieren een handvat gegeven, waarmee zij een verbinding kunnen maken tussen het verhaal van toen en nu. Tussen de geschiedenis en wat zij nu op televisie en internet zien.

En dat is nodig, want het internationale politieke krachtenveld van nu is ingewikkeld. Het is bijna niet meer te overzien wie tegen wie vecht en waarvoor. De aloude betekenis van: “de vijand van mijn vijand is mijn vriend” gaat niet meer op. Vrede lijkt soms verder weg dan ooit. Maar wij staan niet machteloos.

Wij kunnen verder bouwen aan de samenleving waarin wij samen willen leven. Waar betrokken leiders wereldwijd slechts machtspolitiek bedrijven, moeten wij laten zien waar wij als samenleving toe in staat zijn.

Een belangrijke eerste stap is dat we het wij-zij denken doorbreken. WIJ, dat zijn alle mensen die de rechtstaat als norm hanteren. WIJ, dat zijn de jongeren en de ouderen, degenen die hier geboren zijn of pas later in hun leven zijn komen wonen. WIJ, dat zijn alle mensen, met of zonder religie, de zeker-weters en de twijfelaars.

Er is plek voor iedereen die iets van zijn leven wil maken. Natuurlijk zijn er eenlingen die niet in de WIJ-samenleving thuis horen. Die zichzelf buiten de kring plaatsen: mensen die geweld gebruiken, en religieuze teksten kapen om hun wandaden te legitimeren. Voor hen is geen plek in onze WIJ-samenleving.

De WIJ-samenleving is er voor alle mensen die in vrede en vrijheid in onze rechtsstaat willen leven. Waar vrijheid van onderwijs, van religie, van vergadering en drukpers is. De Grondwet beschermt een minderheid tegen de macht van de meerderheid. Zodat iedereen het leven leiden zoals hij of zij wil. Maar daarbij hoort een belangrijke clausule, namelijk dat de vrijheid van de een de ander geen schade mag berokkenen.

Vrijheid is een recht, maar vrijheid moeten we ook gunnen aan anderen. Daarom is het zo belangrijk dat we elkaar ontmoeten. Dat we elkaar opzoeken en steunen. Door die ontmoeting kunnen we eventuele angsten bij de ander weg nemen. Elkaar kennen – en kennis hebben van de geschiedenis – zijn medicijnen tegen angst. We mogen geen muren optrekken in onze samenleving. Nu niet en nooit niet.

We gaan met elkaar op weg naar de WIJ-samenleving. Niet verdeeld, maar samen. Niet met wapens, maar met woorden. Niet met haat, maar met liefde.

Laat dit het nieuwe keerpunt in de geschiedenis zijn. “

 

Gemeente Amsterdam betaalt erfpachtboetes en Girotegoeden terug

Joodse Amsterdammers die een boete kregen omdat ze hun erfpacht niet hadden betaald gedurende de oorlogsjaren, kunnen een aanvraag doen voor terugbetaling. Ook tegoeden van de Gemeentegiro die na de Tweede Wereldoorlog niet zijn opgevraagd, worden terugbetaald aan oorlogsslachtoffers of hun nabestaanden.

In totaal heeft de gemeente een miljoen euro beschikbaar gesteld. De op verzoek van de gemeente opgerichte stichting Individuele Terugbetalingen Amsterdam heeft een website gemaakt waarop  nabestaanden het geld kunnen claimen dat de gemeente na 1945 onterecht heeft geïnd.

Centraal Joods Overleg roept regering op tot ruimhartig beleid vluchtelingen

Wij mogen niet wegkijken van het lijden van de enorme stromen vluchtelingen die Europa binnen willen komen. Niet als Nederlanders en niet als joden. Het Joodse volk weet als geen ander wat het is om vervolgd te worden en te moeten vluchten. Alleen al doordat wij wéten wat het betekent om weerloos verdreven te worden van huis en haard en overgeleverd te zijn aan de goede wil –of het ontbreken daarvan- van de medemens dienen wij ons te ontfermen over de vreemdeling in ons midden die ondersteuning nodig heeft.

Wij zijn ons ervan bewust dat een deel van de vluchtelingen uit het Midden-Oosten zeer negatieve gevoelens over joden koestert. Dat baart ons zorgen. Niettemin mogen wij joden degenen die in nood zijn en vluchten voor grof geweld onze steun niet onthouden.

Het Centraal Joods Overleg roept de regering met klem op om een menselijk en ruimhartig beleid te ontwerpen ten aanzien van de vluchtelingen. De Joodse organisaties zullen dat ondersteunen waar zij kunnen.

Namens het CJO
Ron van der Wieken, voorzitter

 

Nieuwe Voorzitter Centraal Joods Overleg

Per 1 september 2015 treedt in het kader van het roulerend voorzitterschap Ron van der Wieken aan als nieuwe voorzitter van het CJO. Hij volgt Jaap Fransman op die dan vicevoorzitter zal worden. Van der Wieken is binnen het CJO afgevaardigde voor het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom. Hij was werkzaam als cardioloog en is oud voorzitter van de Liberaal Joodse Gemeente in Amsterdam.

Ron van der Wieken is ook auteur van het boek Jodenhaat, in dit werk geeft hij een beknopt historisch overzicht van de manifestaties van Jodenhaat door de eeuwen heen en probeert dit fenomeen psychologisch te verklaren.

 

Beveiliging

De veiligheidssituatie is in Nederland en de rest van Europa de afgelopen periode significant verslechterd. Het CJO overlegt met lokale en nationale overheden om de veiligheid van de joodse gemeenschap te blijven waarborgen. Binnen het CJO is het Stichting Bij Leven en Welzijn (BLEW) die de primaire verantwoordelijkheid draagt als het om beveiliging gaat, de afstemming tussen de verschillende organisaties vindt plaats in het CJO.

 

 

Religieuze Kwesties

De primaire verantwoordelijkheid voor religieuze zaken ligt bij de drie joodse kerkgenootschappen: Het Nederlands Israelitisch Kerkgenootschap, het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom en het Portugees Israelitisch Kerkgenootschap. De afstemming over bepaalde religieuze zaken tussen de verschillende organisaties, zoals over de sjechieta (koosjere slacht),vindt plaats in het CJO.

Sjechieta
De koosjere slacht is onderdeel van het godsdienstig leven van Joden in Nederland. Een verbod daarop – als vervat door de Partij voor de dieren in een recent wetsvoorstel –tast de Nederlandse Joden in hun vrijheid van godsdienst aan. Een eeuwenoude vrijheid wordt door het wetsvoorstel ontnomen. Het Centraal Joods Overleg is van mening dat koosjere slacht niet verboden moet worden.

Voor wetenschappelijke onderzoeken, achtergrondartikelen en opiniestukken over de koosjere slacht kunt u terecht op de website kosjerslachten.

 

Israël

Het Centraal Joods Overleg behartigt de belangen van de Joodse Gemeenschap in Nederland. Dit betekent dat het Centraal Joods Overleg in principe ook geen stelling neemt in kwesties die alleen Israël betreffen.

Mocht u vragen hebben over Israël of de Israëlische politiek kunt u contact opnemen met het Centrum voor Documentatie en Informatie Israël (CIDI) .

 

Centraal Joods Overleg en Rechtsherstel na de Tweede Wereldoorlog

Al vanaf de oprichting in 1997 hield het Centraal Joods Overleg Externe Belangen (CJO) zich intensief bezig met rechtsherstel van geroofd joods bezit tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vereniging heeft zich daarbij in eerste instantie toegelegd op het instellen van onderzoeken op verschillende gebieden naar roof en manieren van restitutie van Joods bezit. Zo waren er de commissies Kordes, Scholten, Ekkart en van Kemenade.
Het CJO heeft vanaf eind jaren 90 begin 2000 intensief gesproken met de Nederlandse Overheid en veelal financiële instellingen over de teruggave van Joods bezit. Er werden in nauwe samenspraak met het CJO stichtingen opgericht voor individuele banken en effectenclaims, voor de verdeling van individuele- en collectieve gelden en werden Stichting Herkomst Gezocht en het Joods Humanitair Fonds opgericht.

In 1998 heeft Het CJO  Centraal Meldpunt Joodse Oorlogsclaims opgericht omdat er vanuit de joodse gemeenschap veel vragen waren over het indienen van claims. Het Centraal Meldpunt diende om claims te inventariseren.

Tot op de dag van vandaag houdt het Centraal Joods Overleg zich nog bezig met het proces van restitutie en verdeling.  Zo loopt er bij de Gemeente Amsterdam een vervolgonderzoek naar erfpacht en is er recentelijk een grote studie afgerond naar de Museale Verwervingen van ruim 400 musea in Nederland waar het Centraal Joods Overleg nauw bij betrokken is .

 

Minister President Mark Rutte spreekt op Jom Hasjoa

Op donderdag 16 april werd, onder aanwezigheid van ruim 400 aanwezigen Jom Ha Sjoa herdacht in de Hollandsche Schouwburg. Jom Hasjoa valt altijd op 27 Nisan in de Hebreeuwse kalender. Op deze dag kwamen in 1943 de joden in het getto van Warschau in opstand tegen de nazi’s. Dit jaar 70 jaar geleden.

Burgemeester van der Laan hield een emotioneel betoog over Salo Muller, die als kleine jongen zijn ouders voor het laatst zag in de Hollandsche Schouwburg. Van der Laan uitte zijn woede dat er anno 2015 maatregelen getroffen moeten worden om joden te beschermen. Van der Laan: “De herinnering aan de Hollandsche Schouwburg is een deel van onze identiteit geworden. 46.000 Nederlandse Joden zijn van hieruit op transport gezet, meestal naar een zekere dood. Ieder jaar weer staan we stil bij wat nog altijd niet te bevatten is. Maar erbij stil staan is niet genoeg. Veel joden in Amsterdam voelen zich opnieuw onveilig. het maakt me woedend dat we anno 2015 maatregelen moeten treffen hen te beschermen.”

De volledige toespraak van burgemeester van der Laan leest u hier

Minister President Mark Rutte benadrukte het belang om te blijven herdenken omdat antisemitisme, de voedingsbodem voor de Sjoa, nooit ver weg is. : “En juist dat maakt het nog belangrijker dat we blijven herdenken. Le dor, wa dor – van generatie op generatie. Want we moeten alert blijven. Alert en waakzaam. Dat leert de geschiedenis. Dat leert ook de actualiteit. Dat leert ons deze plek – dit ‘gebouw der tranen’, zoals een van de mensen die hier geïnterneerd was de Hollandsche Schouwburg noemde.

De volledige toespraak van minister president Mark Rutte leest u hier.

Voor meer informatie over Jom ha Sjoa klink u hier